Voor verdere informatie:
Telefoon: +31-517-579662
mobiel: +31-6-28977152
email: p.dewind@ziggo.nl

Het ontstaan van de FN fabrieken:

We moeten ver teruggaan in de tijd om de wortels te vinden van wat ooit de Fabrique Nationale d'Armes de Guerre zou worden. In de 16e eeuw stonden de gemeenten Luik en Herstal immers bekend om hun kwaliteitsvuurwapens. Na door de eeuwen heen wisselende successen te hebben gekend, bevond deze industrie zich vanaf 1815 in een periode van ongekende bloei, die bekendstaat als de Gouden Eeuw. Geconfronteerd met de toename van wapenbestellingen van de staat, met name voor de Burgerwacht, richtte een groep Luikse wapenfabrikanten in 1870 een gezamenlijke werkplaats op, de zogenaamde Petit Syndicat-werkplaats. Maar in 1886, om te voldoen aan een bestelling van 150.000 repeteergeweren voor de Belgische staat, bundelden de kleine vakbond en enkele concurrenten hun krachten onder de verzamelnaam: "Les Fabricants d'Armes réunis". Vervolgens richtten ze op 3 juli 1889, door hun krachten te bundelen met verschillende andere wapenfabrikanten, de Fabrique Nationale d'Armes de Guerre op, voor de industriële productie van militaire wapens, jachtwapens en munitie. De Belgische overheid plaatste vervolgens een grote bestelling voor Mauserrepeteergeweren. De groep beleefde zeven succesvolle jaren.

In 1896, na vergunningsproblemen en interne geschillen tussen aandeelhouders, kwam de meerderheid van de aandelen van FN in handen van de Duitse groep Ludwig Löwe und Co (1), eigenaar van Mauser Waffenfabrik, evenals van de Deutsche Waffen- und Munitionsfabriken in Berlijn, en het Oostenrijkse Steyr Waffenwerke. Dit lidmaatschap van een internationale groep beperkte de toegang van haar producten tot buitenlandse markten.

Laten we de aandacht daarom afwenden van handvuurwapens en de bijbehorende munitie en ons richten op het onderwerp van interesse: voertuigen. Zo besloot de Fabrique Nationale d'Armes de Guerre (Nationale Fabriek voor Oorlogswapens) haar productie uit te breiden naar minder afhankelijke gebieden en andere activiteiten aan haar programma toe te voegen. Het einde van de 19e eeuw staat in de geschiedenisboeken als de geboorte van de auto. De eerste auto's werden in alle geïndustrialiseerde landen gebouwd en België nam een prominente plaats in, in deze bloeiperiode. Wist u dat er in deze periode maar liefst 4 tot 6 verschillende merken in België werden gelanceerd? Het is echter belangrijk om te vermelden dat veel van deze merken een kort leven beschoren waren. Laten we ons concentreren op FN.

Het eerste product van de uitbreiding van activiteiten is te vinden in het programma “De fiets”, waarvan de bouw in april 1896 begon, en duurde tot 1926. Twee jaar later in 1898 ontwikkelde FN een model fiets zonder transmissieketting, de acatene (cardan) of kettingloze fiets. Deze uitvinding zou ongetwijfeld gevolgen hebben voor de toekomst van de FN. Van fiets naar auto, het is maar een kleine stap.

Een paar maanden na het begin van de samenwerking met de broers John Moes en Matthew Browning, onderzocht FN de mogelijkheid om motorvoertuigen te produceren. Twee jaar later, in oktober 1897, besloot FN motorvoertuigen te gaan bouwen en kocht een Franse quad om te testen. Er werden zelfs onderhandelingen met de fabrikant gestart om een licentie te verkrijgen, maar zonder succes. Deze mislukking ontmoedigde FN echter niet, die in januari 1899 de hulp inriep van een ingenieur van Italiaanse afkomst, J. de Cosmo, die ervaring had opgedaan in de autobouw in Frankrijk (DeLahaye) en Engeland (Singer). Vanaf dat moment volgden de modellen elkaar in rap tempo op. Hieronder vallen de FN 6900 (1905), FN 2000 (1906), FN 1400 (1907) voor auto's, de FN 4-cilinder 1905-1906 (362 en 410 cc) voor motorfietsen, en vele andere modellen.

(1) Het was dit bedrijf waar de managers van FN in 1889 naar toe wendden om hun fabriek in Herstal uit te rusten met efficiëntere machines en gereedschappen.

afbeelding FN fabrieken 1928

In 1899 was FN een grote fabriek, gevestigd op een terrein van 9 hectare en met 40.000 m² overdekte hallen waar 3.000 gereedschapswerktuigen elektrisch werden aangedreven. FN beschikte over stoommachines om in de elektriciteitsbehoefte te voorzien.

Op 1 augustus 1900 telde een nationale telling 297 motorfietsen en 396 auto's op de Belgische wegen.

FN tijdlijn

De Historie van FN motoren

FN is een Belgische wapenfabriek die ook bekend werd door de productie van motorfietsen, die in de jaren dertig in Duitsland onder de naam BAM werden verkocht.

De bedrijfsnaam was Fabrique Nationale d’Armes de Guerre S.A., Herstal. Er werden motorfietsen geproduceerd van 1901 tot 1959.

Geschiedenis

FN werd opgericht in 1889. In 1898 bouwde men er een fiets met asaandrijving en in 1900 een grotendeels houten auto. In 1896 waren er al proeven gedaan met driewielers die leken op de De Dion-Bouton en werden aangedreven met een petroleummotor.

FN motorfietsen

In 1901 verscheen de eerste motorfiets, het “ezeltje”. Dit kwam doordat de regionale vertegenwoordiger voor FN-fietsen Joseph Houard 100 gemotoriseerde fietsen bestelde. Hij had hiervoor zelf het initiatief genomen door een Frans motortje in een FN-fietsframe te monteren. Men bouwde eerst 133cc-, 1¼pk-viertaktblokjes met een snuffel-inlaatklep die door autoconstructeur De Cosmo waren ontworpen en in 1904 verder ontwikkeld werden. Deze eerste motorfiets kreeg de bijnaam "Het Ezeltje".

eerste FN eerste FN

Hierna werden eencilinders van 188, 225 en 286 cc gebouwd, maar al snel werd FN bekend om haar viercilinders (de eerste viercilinder in massaproductie was de 362cc-FN uit 1905, ontworpen door ingenieur Clarus, Paul Kelecom en tekenaar Edmond Couturier).

Toen in 1905 Paul Kelecom in dienst kwam ontwikkelde hij de viercilinder verder. Vanaf 1906 evolueerde de viercilinder naar een steeds grotere cilinderinhoud, tot 750 cc in 1913. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de fabriek door de Duitsers bezet en de productie werd stilgezet. De viercilinders bleven tot 1926 in productie. Eerst hadden de machines asaandrijving, maar in 1923 schakelde men over op een ketting vanwege de lagere kosten.

Tussen 1901 en 1910 werden de FN-motorblokken als inbouwmotor verkocht aan onder andere aan de Britse merken Bowden, James, Montgomery, Diamond in Wolverhampton en Whippet.

Intussen bouwde FN naast viercilinders ook nog steeds eencilinders. De beurskrach van 1929 kwam ook bij FN hard aan: de productie van motorfietsen zakte van 15.000 in 1929 naar 1.500 in 1935.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de fabriek onmiddellijk bezet door de Duitsers. FN was immers in eerste instantie een wapenfabriek. De productie van motorfietsen werd gestaakt en alle belangrijke functies in het bedrijf werden door Duitsers bezet.

Na 1945 kwam de XIII-serie uit, die bestond uit een 450cc-zijklepper, een 250 cc met tuimelaars, een 350cc-zijklepper en een 350 cc met tuimelaars. Deze serie bleef in productie tot 1958. In 1953 bouwde men een 175cc-tweetakt volgens het Küchen-systeem (een dubbelzuigermotor).

In 1954 maakte men afspraken met Saroléa over gezamenlijke ontwikkeling van modellen en men past korte tijd badge-engineering toe. Na protesten van klanten stopte men hier in 1956 weer mee.

In 1955 was ook Gillet met FN en Saroléa gaan samenwerken. Men bouwde intussen alleen nog tweetakten, onder andere met JLO-motor. Vanaf 1955 werden nog Royal Nord-bromfietsen in licentie gebouwd, maar de eigen modellenlijn werd langzaam maar zeker afgebouwd. Voor wat motorfietsen betreft was het in 1967 afgelopen.

BAM motorfietsen

Tijdens de crisisjaren dertig ging men tweetakten maken. Vanaf 1933 heette FN in Duitsland om politieke redenen BAM (Berliner-Aachener Motorenwerke A.G.) Tijdens het 'Derde Rijk' was het vrijwel onmogelijk motorfietsen naar Duitsland te exporteren, zeker voor een buitenlandse wapenfabriek als FN! Daarom gaf de Akense FN-importeur zijn naam aan de FN motorfietsen, die nu dus officieel 'Duits' waren. In werkelijkheid waren het gewone 198cc-tweetakt- en 346cc- en 497cc-viertaktmachines van FN.

FN Auto's

In 1900 begon FN met de productie van auto's. Naast elegante limousines maakte het ook sportwagens. Tot de Eerste Wereldoorlog kon F.N. uitstekend mee met de concurrentie, maar men miste de slag daarna. Men besloot zich op motorfietsen en wapens te concentreren.